Stad geeft opnieuw negatief advies voor gascentrale in Rotem

Het stadsbestuur van Dilsen-Stokkem heeft op 30 juli opnieuw een negatief advies gegeven voor de vergunningsaanvraag van RWE voor de bouw van een gascentrale in Rotem.

In februari leverde het stadsbestuur reeds een eerste negatief advies af in dit dossier. De deputatie van de provincie Limburg weigerde hierop de vergunning en volgde zo het advies van de stad en van de Provinciale Omgevingsvergunningscommissie.

Aanvrager RWE ging tegen deze weigering in beroep bij de bevoegde minister Zuhal Demir. Het Vlaams departement Omgeving verklaarde dit beroep ontvankelijk en volledig. Als gevolg hiervan loopt er momenteel een nieuw openbaar onderzoek van 17 juli t.e.m. 15 augustus.

De omgevingsambtenaren van de stad onderwierpen het gewijzigde dossier opnieuw aan een grondige screening inzake ruimtelijke ordening en milieu.

Inzake ruimtelijke ordening wijkt de hoogte van de gebouwen dermate af van de verkavelingsvoorschriften, waarbij er een significant negatief effect wordt verwacht inzake de visuele impact van de hoge massieve gebouwen op de ruime omgeving. De gebouwen zullen dominant aanwezig zijn aan de horizon, hetgeen qua ruimtelijke en landschappelijke inpassing niet gewenst is.

Op vlak van milieu werd geconcludeerd dat de bouw van een nieuwe energiecentrale, die op zeer grote schaal fossiele brandstoffen gebruikt en bijdraagt tot een zeer hoge CO2-emissie, niet strookt met de klimaatdoelstellingen en het beleid dat de stad daaromtrent wil voeren.

De gevolgen van klimaatopwarming zijn de laatste weken alsmaar duidelijker en schrijnender geworden. Klimaatwetenschappers geven aan dat klimaatverandering onder andere leidt tot fenomenen van noodweer. Het daarmee gepaard gaande menselijke leed en drama’s hebben we, tot onze verbijstering en ontzetting, in eigen land moeten ervaren. Ook andere landen in Europa en landen in andere werelddelen deelden in de klappen van het noodweer. Het inzetten op energiebevoorradingsbronnen op basis van fossiele brandstoffen zou betekenen dat men blind is voor problematieken voortvloeiend uit de klimaatveranderingen.

De omgevingsambtenaren concluderen daarom dat de aanvraag niet in overeenstemming is met de lokale voorschriften en visie ter zake. Het project strookt niet met de op 10 februari 2020 in de gemeenteraad goedgekeurde klimaatdoelstellingen en het beleid van de stad ter zake.

Het college van burgemeester en schepenen treedt deze conclusies bij en formuleert op basis van deze analyse opnieuw een negatief advies omtrent de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor de bouw van een stoom- en gascentrale in Dilsen-Stokkem.

Het college van burgemeester en schepenen stelt bovendien bijkomend vast dat de tewerkstelling voor de totale oppervlakte aan industriegebied die zal worden ingenomen zeer summier is en niet strookt met de visie omtrent ‘ruimte om te ondernemen’.

Het stadsbestuur wil in de gegeven context ook het bovenlokale karakter van dit dossier aankaarten en benadrukken niet blind te zijn voor de uitdagingen omtrent de toekomstige energiebevoorrading in België. Hierbij wordt onder meer verwezen naar de gemaakte keuzes rond energiebeleid in het federaal regeerakkoord.

Het is niet aan de stad Dilsen-Stokkem om rapporten van energie-experts en de intenties van Europa, het federaal regeerakkoord of de gewesten in ons land in vraag te stellen. De Belgische bevoorradingskwestie moet aldus op hogere beleidsniveaus in ons land in consensus haar beslag krijgen.

Het college van burgemeester en schepenen is van oordeel dat in deze vergunningaanvraag de visuele consequenties en milieu-impact van de bouw van deze STEG-centrale op het industrieterrein van Rotem en de nabijgelegen natuurgebieden en woonomgeving, onverenigbaar zijn met een goede ruimtelijke ordening en de klimaatambities van onze landelijk gelegen stad. Het college is er dan ook van overtuigd dat er andere, beter geschikte, perifere grote industriële locaties voorhanden zijn om mogelijke nieuwe gascentrales in te planten, op voorwaarde dat men deze gascentrales noodzakelijk acht voor de energiebevoorrading van ons land.

maandag 2 augustus 2021 13.30 u.